De vissoorten die ik in de Loue ben tegengekomen zijn vlagzalm, beekforel en kopvoorn. Naast de gewone beekforel komt er ook een ondersoort genaamd de zebra forel voor. Dit is eigenlijk een beekforel met een soort baarspatroontje op zijn flanken.
Wat betreft de vergunningen weet ik niet of de carte de peche des vacances geldig is in dat gebied. Dit kun je wel navragen op de camping. Daar weten ze vaak ook wel waar je vergunningen kunt krijgen. Voor de carte des vacances is die meestal in een tabakszaak of bij het Office du Tourisme te krijgen. Ik weet niet exact wat de carte des vacances kost maar hij is 15 dagen geldig en kost niet zo heel veel. Er zijn vast wel mensen hier die weten wat die exact kost. Deze is echter alleen te krijgen tussen juni en september. Ik viste er in mei en moest dus dagvergunningen kopen van de visrechthoudende. Ik kwam toen uit op iets van 15 euro per dag. Ik hoop dus voor jou dat de vakantievergunning geldt daar.
Het vissen op de Loue is redelijk lastig. Over het algemeen is de vis redelijk schuw. Ik heb daar het meeste succes gehad met kleine nymphjes op haakje 18 en kleiner. Verder ook wel met kleine Pale Watery Dunnetjes op maatje 18 en kleiner. Een goed patroontje is een simpele parachute versie van de PWD met een staartje van grijze micro fibbets of hackle fibers, een licht geel dun gedubbed lijfje, een grijze parachute post en een medium dun hackle. Kleine CDC sedges deden het ook wel. Ik heb er af en toe ook grote steenvliegen gezien dus je zou het ook voor de grap eens kunnen proberen met een imitatie daarvan. Een hele simpele is bijvorbeeld een zwarte palmer op maatje 6 of zo, gewoon een flinke hackle met de stam bij het haakoog in inbinden en naar de haakbocht toe wikkelen. Hier afbinden en het restje van de hackle naar achteren laten uitsteken als staartje. Ik denk niet dat er veel mensen met dergelijke vliegen vissen daar. De meesten zullen met kleine vliegjes werken. Een andere methodiek gebruiken dan de rest wil nog al eens succesvol zijn dus ik zou het op zijn minst proberen.
Oh en vergeet de lange dunne leaders niet. Als ik met een dikkere punt viste dan 10/00 kreeg ik er geen aanbeten meer maar ik viste op een redelijk rustig stromend stuk. Als het water wat wilder is maakt dat wat minder uit. Ik gebruikte een leader van ongeveer een meter of 4.
Op sommige stukken daar zijn waadpakken trouwens verboden. Lieslaarzen mogen
dan echter meestal wel. En op het stuk waar ik heb gevist is het officieel verboden
om met nymphen te vissen. Dit is daar echter niet overal zo. Kleine nymphjes
deden het het beste en hierbij maakte het niet zoveel uit hoe ze er uit zagen.
Verder heb ik ook wat succes gehad met knaloranje goudkop nymphjes (ja die voor
op de Ijssel). Deze wisten regelmatig de aandacht van vissen te trekken. Als
je ze dan gewoon liet drijven met de stroom werden ze echter niet gepakt. Dit
veranderde als je de lijn dan even tegenhield zodat de nymph omhoog kwam. Vaak
volgde er dan een felle aanbeet. Een vereiste hierbij is echter wel dat je de
vis en de nymph kunt zien en volgen.